Het is 1 januari half drie 's nachts. Buren staan met vrienden bij mijn voordeur te hangen. Ze zijn dronken, schelden en vloeken op politie die langsrijdt en zijn provocerend aanwezig. Ik heb alle lampen aangedaan in de activiteitenruimte en zwaaide naar ze toen ze naar binnen keken. Ik ben niet gerust, en weet niet zeker of ik de 's ochtends nog alle ruiten in mijn pand heb zitten.
Ze trappen op de ruit van het bushokje voor mijn deur en die sneuvelt. Ook trappen ze op de ruit van de bibliotheek tegenover mijn huis maar die zijn steviger. Dan hoor ik een trap tegen mijn ruit. "hé niet doen joh daar zit Debby" zegt een maat van hem. Ik voel me enigsinds gerust gesteld maar blijf toch nog even zitten wachten tot ze weg gaan. Uiteindelijk gaan ze weg en ga ik slapen.
Eenmaal wakker zie dat ik zelf gelukkig geen schade heb. Wel is er een spoor van vernielingen in de straat. Fietsen zijn van de gevel gepakt en op een vuur gegooid. Een ruit van de auto die voor mijn deur staat is kapot. Ook de gesloten aanhangwagen van een buurman is in de brand gestoken. Verderop is er een auto in de fik gezet waarbij een rolstoelbus brandschade aan lamp en spiegel heeft opgelopen.
donderdag 1 januari 2009
Abonneren op:
Reacties plaatsen (Atom)
0 reacties:
Een reactie plaatsen